Leerlingenparticipatie past perfect in de eindtermen en ontwikkelingsdoelen met betrekking tot het "opvoeden tot burgerzin".
Vervolgens is er ook het VN-Verdrag inzake de Rechten van het Kind dat stelt dat de
school niet alleen een leerschool, maar ook een leefschool is. Daarom moeten de
jongeren reële kansen krijgen om in de praktijk het schoolleven mee vorm te geven en
actief te participeren.
Participatie verhoogt het welbevinden op school en kan bijdragen tot preventie van
probleemgedrag.
In de eerste plaats is onze school een leefgemeenschap waar zowel leerkrachten, ouders als leerlingen recht hebben op inspraak in het schoolbeleid.
Voor ouders is er het oudercomité en de participatieraad, voor leerkrachten de schoolraad en het LOC en voor leerlingen komt er dus ook een leerlingenraad.
Het doel van de leerlingenraad is samen met ouders, leerkrachten en directie een gezond leefmilieu op te bouwen en te stimuleren, waar elke leerling de kans gegeven wordt zich op verstandelijk, emotioneel en sociaal gebied te ontwikkelen.
De leerlingenraad wil leerlingen leren hoe beslissingen democratisch tot stand komen, hoe men gebruik kan maken van het recht op inspraak, hoe ze invloed kunnen hebben op het schoolleven, ...
Vermits we leerlingen in de tweede en de derde graad hebben is het niet meer dan logisch dat er ook twee leerlingenraden komen: één voor de tweede graad en één voor de derde graad. Indien nodig zal er tussen beide leerlingenraden overleg zijn.
Bij het begin van het schooljaar (eind september) worden in elke klas twee vertegenwoordigers voor de leerlingenraad gekozen. Dit zijn in de eerste plaats leerlingen die in staat zijn hun eigen belangen achteruit te stellen ten voordele van de groep. Een vertegenwoordiger in de leerlingenraad komt niet zijn eigen mening verdedigen maar wel een voorstel van een klasgroep. De leerlingenraad bestaat uit actieve, positief denkende en positief handelende leerlingen.
Op de eerste bijeenkomst van de leerlingenraad wordt door de directie een korte toelichting gegeven over haar verwachtingen tegenover de leerlingenraad en over de elementaire spelregels. Daarna gaan de leerlingen zelf aan de slag.
Elk van de leerlingenraden wordt bijgestaan door een leerkracht-begeleider die de leerlingen in de beginfase helpt om alles in goede banen te leiden. Deze begeleiders nemen geen initiatief maar helpen de leerlingen indien nodig.
In principe is de directie niet aanwezig tenzij de leerlingenraad daar uitdrukkelijk om verzoekt.
Na elke leerlingenraad wordt een verslag gemaakt door een lid van de leerlingenraad, elke keer iemand anders om de taken wat te verdelen. Dat verslag wordt bezorgd aan elke klasvertegenwoordiger die het in de klas voorleest en bespreekt. Ook de directie en de leerkrachten krijgen van elke vergadering een verslag.
In principe kunnen op de leerlingenraad voorstellen besproken worden die het schoolleven positief beïnvloeden.
Dat kan gaan van inspraak bij het lessenrooster tot het organiseren van middagactiviteiten, het verminderen of beter spreiden van de werkdruk bij leerlingen enz.
Iemand uit de klas heeft een voorstel en geeft dat door aan de klasvertegenwoordiger.
De klasverantwoordelijke legt dit voorstel voor aan de leerlingenraad. Het voorstel wordt kort besproken en kan als programmapunt voor de volgende vergadering worden opgeschreven.
De volledige leerlingenraad stemt over dit voorstel.
Indien het goedgekeurd wordt, gaat de leerlingenraad aan het werk om het voorstel verder uit te werken.
Welke argumenten kunnen de directie overtuigen om ja of neen te zeggen tegen een voorstel, welk is het kostenplaatje dat eraan vast hangt, hoe gaat een voorstel concreet gerealiseerd worden, welke veranderingen kan dit voorstel met zich meebrengen enz.
De voorzitter legt een volledig uitgewerkt voorstel voor aan de directie en licht het kort toe. De directie krijgt een week bedenktijd en deelt dan schriftelijk aan de voorzitter van de leerlingenraad mee wat haar antwoord is. De voorzitter gaat met dat document terug naar de leerlingenraad en deelt de beslissing van de directie mee. Indien de directie een voorstel niet meteen aanvaardt, wil dit niet zeggen dat een voorstel definitief van de baan is. De leerlingenraad krijgt de kans een voorstel bij te sturen, nog wat verder uit te werken of te wijzigen. Een gewijzigd voorstel legt dezelfde weg af.
De directie beslist uiteindelijk of het voorstel al dan niet wordt ingevoerd
Het voorstel is goedgekeurd door de directie en wordt uitgevoerd door de leerlingenraad zelf of door derden.
De leerlingenraad krijgt een eigen e-mailadres en een plekje op de website van de school. Uiteraard krijgen ze ook een eigen vergaderruimte.